Horeca merkt nog niets van deregulering

‘Overheid verziekt het ondernemen’

© Binnenstad Ondernemers Federatie
VVD-raadslid Ibo Gülsen demonstreert de werking van de tap van Café Momfer de Mol in de Oude Molstraat voor partijgenoot Charlie Aptroot (links, Tweede Kamer). Uitbater Joep Logjes ziet het wat sceptisch aan, maar is blij met het luisterend oor voor de problemen die de horeca ondervindt met de Nederlandse regelgeving.


Door de vaak tegenstrijdige regelgeving gaat de lol er bij een eigen bedrijf gauw van af. De regelzucht is voor de ondernemer een bron van tijdsverspilling en is zelfs meer grond tot klagen dan de belastingdruk.

BOF bulletin nr. 32 - november 2006

Dat voerde Tweede Kamerlid Charlie Aptroot (VVD) aan als reden dat kleinere ondernemers steeds meer problemen ondervinden bij de opvolging en hun bedrijf daardoor moeten opdoeken. Sterker nog: ze raden het hun eigen kinderen zelfs af, hoeveel ze ook van hun onderneming houden.Want de regelgeving bederft bijna elk plezier in het ondernemen. Dat blijkt uit de gesprekken tussen Haagse horeca ondernemers die het kamerlid had uitgenodigd om op vrijdag 20 maart hun grieven op een rijtje te zetten.
Aptroot, die het bestrijden van deze regelgeving tot zijn paradepaardje heeft gemaakt op zijn website, kan de voorbeelden die hem ter ore komen, zo uit zijn mouw schudden. Maar ook Joep Logjes, kastelein van Café Momfer de Mol, waar dit gesprek plaatsvindt en Peter Bik, die café ‘Zebedeus’ naast de Grote Kerk runt, kunnen er smeuďg over vertellen.

Precario

Logjes: “Ik maak het mee, dat er jaarlijks een mannetje met zijn nagels langs het raam krabt, om te kijken of de belettering van mijn zaak zich aan de binnen- of aan de buitenkant bevindt. Aan de binnenkant, gelukkig, anders zou ik er precario over moeten betalen. Volgens mij is die hele precario alleen maar werkverschaffing voor ambtenaren. Ik kan me niet voorstellen dat de gemeente er nog geld aan overhoudt voor nuttiger zaken. Ook mag ik maar een aantal keren per jaar na sluitingstijd een besloten feest houden. Maar de ontheffing moet ik officieel een half jaar van te voren aanvragen.”

Vuilnis

Bik: “Van de Voedsel en Warenautoriteit mogen we geen vuilnis binnen opslaan. Van de gemeente moet het juist: je mag geen container buiten hebben staan. We plaatsen hem nu in een betonnen behuizing, maar eigenlijk mag het niet. En weet je dat ik mijn terrasvergunning van dit jaar nog niet eens binnen heb?”
Het lijkt het gezelschap een goed idee als deze vergunningen minstens vijf jaar geldig zouden zijn. De horecabazen hopen dat de onlangs aangestelde Haagse horeca-coördinator voor hen verlichting kan brengen.

BOF bulletin nr. 32
Dit artikel stond in BOF bulletin nr. 32
Download BOF bulletin nr. 32 Of bekijk dit nummer online.